drtisscher.org






















Beschrijving

De therapeutische mogelijkheden van geconstateerde voedingsallergieën en -intoleranties zijn vrij beperkt. De beste methode is het mijden van de klachten veroorzakende voedingsmiddelen. Dit is vaak moeilijk omdat men die producten lekker vindt of omdat het een zeer uitgebreide voedingsintolerantie is.

Therapie bij reactiepatroon 2a)
Het reactiepatroon 2a) wordt bemiddeld door het waarnemingsvermogen van het zenuwstelsel. Het zenuwstelsel neemt moleculen waar, middels het ruiken en het proeven. Het neemt trillingen waar middels het horen, het voelen en het zien.
De therapeutische mogelijkheden zijn homeopathie, isopathie middels de sublinquale provocatie en neutralisatie druppeltest, accupunctuur of meridiaan kleurentherapie. Voorts het toepassen van het neutraliserende individuele trillingsgetal van het electromagnetisch veld (nano Hertz tot giga Hertz).
De personen die reageren volgens type 2a) worden over het algemeen ziek van de toegediende reguliere medicijnen. Ze worden ziek van het aantal milligrammen van het geneesmiddel of het vulmiddel van de tablet of capsule. Men voelt zich alleen goed indien het middel in de orde van grootte van micro-gramme, pico-grammen of nog lagere dosering wordt toegepast.

Reactietypen 2b) en 2c) kunnen deels met Nalcrom en deels met pijnstillers voorkomen worden. Goud en penicillamine zijn ook werkzaam op dit niveau. Goud en Kelatin hebben geen vat op reactiepatroon 2c), 3) en 4). De pijnstillers werken op dit niveau alleen verzachtend- symptomatisch.

Conclusie

Ik hoop dat u nu duidelijk is waarom de meeste basisdiëten bij reumatoïde arthritis niet afdoende helpen. Het is niet juist om patiënten te adviseren om bepaalde voedingsmiddelen te laten staan omdat het slecht zou zijn voor reumatoïde arthritis. Alle voedingsmiddelen zijn verdacht behoudens die welke bij provocatie wel goed verdragen worden. Het is bij het verrichten van wetenschappelijke onderzoekingen met betrekking tot de voeding niet juist om alleen op de A.R.A. criteria van de reumatoïde arthritis af te gaan. Naast de leeftijd, sexe, de duur van het klinische beeld en laboratorium parameters moet men ook weten op welke wijze de patiënt reageert en ook ten opzichte waarvan. Het intolerantiepatroon moet dezelfde zijn (29) dan pas is het zinnig om wetenschappelijk verantwoorde vergelijkende studies te verrichten.